Schoolleiders (bege)leiden naar tevreden leerkrachten

(Tekst – Sarah Fontana)

Tevreden leerkrachten zijn onmisbaar in het onderwijs. Het is niet enkel voor de leerkrachten zelf nodig dat zij zich – ondanks de vele uitdagingen in hun werk – goed voelen en enthousiast en gemotiveerd zijn. Leerkrachtenwelzijn heeft immers ook een (grote) impact op zowel de kwaliteit van het onderwijs als de (schoolse en socio-emotionele) resultaten van leerlingen. Extra aandacht voor leerkrachtenwelzijn is nodig, zeker gezien de laatste jaren heel wat leerkrachten het onderwijs (vroegtijdig) verlaten en het gevoel hebben dat hun beroep ondergewaardeerd wordt door de maatschappij.

Zowel individuele, sociale als contextuele aspecten kunnen van invloed zijn op het leerkrachtenwelzijn. In dit onderzoek lag de focus op de werkcontext en werd nagegaan welke individuele en collectieve invloedsfactoren op het werk positief kunnen bijdragen. De factoren die eruit sprongen, zijn vooral aspecten die te maken hebben met relaties en een (aangename en productieve) schoolomgeving en benadrukt de nood aan een goed evenwicht tussen het individuele en collectieve aspect van leerkrachtenwelzijn.

Wat heeft de schoolleider hier dan mee te maken?

Het is opmerkelijk hoe directeurs zich regelmatig niet bewust zijn van de impact die hun leiderschap heeft op de mensen waarvoor en waarmee ze werken. Nochtans is er onderzoek dat aantoont dat leiderschap een rol speelt bij belangrijke factoren uit de werkcontext die het leerkrachtenwelzijn kunnen beïnvloeden. Het is dus belangrijk dat een schoolleider doordacht en gericht leiderschap hanteert!

Vaak houdt een directeur zich vast aan een voor hem/haar comfortabele (of favoriete) leiderschapsstijl. Maar kiezen voor één stijl komt niet meer tegemoet aan de situaties in onderwijscontexten anno 2020. Daarom wilde ik met dit onderzoek de focus verleggen van leiderschapsstijl naar leiderschapsgedrag. Hoe werd dit gedaan? Door op zoek te gaan naar gedragingen uit vier veel voorkomende leiderschapsstijlen in het onderwijs (instructioneel, transactioneel, transformationeel en gedeeld leiderschap), aangevuld met een leiderschapsstijl die de laatste tijd wint aan populariteit (authentiek leiderschap). Tijdens dertien (semigestructureerde) interviews werden deze gedragingen door de bevraagde leerkrachten gelinkt aan de invloedsfactoren die belangrijk zijn voor welzijn. Dit resulteerde in een nieuw gedragsmodel bestaande uit vier domeinen: relatie, communicatie, leiderschap en omgeving.

Het domein ‘relatie’ omvat gedragingen die handelen over het bijstaan en ondersteunen van werknemers, modereren en het tonen van belangstelling, betrokkenheid, appreciatie en waardering. Bij ‘communicatie’ wordt de nadruk gelegd op duidelijk en juist communiceren, met oog voor feedback en een goede mate van interesse (in situaties/gebeurtenissen) op persoonlijk en professioneel gebied. Het domein ‘leiderschap’ handelt over gedragingen zoals (onder andere) conflicthantering, oplossingsgericht werken, opvolging, kennis en inzicht hebben in het team en coachen. In het domein ‘omgeving’ vinden we gedragingen terug zoals het afbakenen van werklast en werkdruk, het gericht inrichten van nascholing en het stimuleren van samenwerking en klasdoorbrekend werken op school alsook het voorzien in een fijne en warme (werk)sfeer.

Tijdens het onderzoek werd het belang van leiderschap(sgedrag) me erg duidelijk. Loskomen van die specifieke leiderschapsstijl en gebruik maken van een aanpak die geschikt is voor de context onderstreept de waarde van gericht inspelen op de noden van leerkrachten in bepaalde situaties. Gedragingen die belangrijk bleken voor leerkrachtenwelzijn konden niet onder één specifieke stijl geplaatst worden. Een belangrijk bevonden gedraging, zoals als rolmodel fungeren, kwam zo bij bijna alle stijlen terug terwijl andere belangrijke gedragingen, zoals bijvoorbeeld het gebruiken van transparante communicatie enkel bij één stijl terug te plaatsen was.

Vanuit deze bevindingen kwam het gedragsmodel tot stand. Het geeft schoolleiderschap een nieuwe dimensie en zorgt ervoor dat de schoolleider alert kan zijn voor die (eigen) context en situatie. Door een goede inschatting te maken van de situatie op een bepaald moment, kan hij/zij een keuze maken uit de gedragingen van de verschillende domeinen om zo zijn/haar leiderschap gericht in te zetten en dit voor zowel de individuele als de collectieve aspecten van leerkrachtenwelzijn. Door in te gaan op zowel het persoonlijke, relationele als contextuele aspect van leerkrachtenwelzijn, kan de schoolleider gedragingen vertonen die positief zijn voor individuele invloedsfactoren van leerkrachtenwelzijn (zoals onder andere motivatie, gevoel van verbondenheid, werklast en –druk). Wat de collectieve invloedsfactoren van leerkrachtenwelzijn betreft (onder andere de positieve werksfeer, steun van de directeur, verbondenheid, respect, relaties), is er meer nood aan gedragingen op het relationele niveau. Door hier bewust en constructief mee om te gaan, kan schoolleiderschap bevorderlijk werken voor het welzijn van het personeel én tegemoetkomen aan de schooleigen context/situatie. Op deze manier ontplooit de schoolleider zichzelf meer in lijn met hedendaagse onderwijscontexten terwijl hij/zij ook nog eens voor blije leerkrachten zorgt!

Meer weten? Contacteer Sarah.Fontana@student.uantwerpen.be

2 Comments

Geert

about 3 maanden ago

Interessant, niet enkel toepasbaar op schoolomgeving als je het mij vraagt.

Beantwoorden

Jessica

about 3 maanden ago

Knap artikel met enkele concrete handvatten voor schoolleiders. Ik hoop dat de relatie tussen leiderschap en leerkrachtentevredenheid op de agenda blijft staan. Gezien de huidige veranderingen (t.g.v. Covid-19 maar ook door onderwijservormingen) binnen ons onderwijssysteem is dit zeker een blijvend aandachtspunt.

Beantwoorden

Leave a Comment

Please be polite. We appreciate that.
Your email address will not be published and required fields are marked