Goed leraarschap door de ogen van leerlingen

Goed leraarschap door de ogen van leerlingen

(Tekst – Geert Smets & Jan Vanhoof, Universiteit Antwerpen)

Vanuit pedagogisch oogpunt en binnen het kader van schooleffectiviteitsonderzoek werd reeds uitgebreid onderzoek verricht naar kenmerken waaraan een leraar best voldoet om het beste uit zijn leerlingen te halen. Maar wat vinden die leerlingen zelf? Hoe zien zij hun ideale leraar? Zijn er verschillen tussen jongens en meisjes? En denken leerlingen uit verschillende onderwijsvormen en verschillende leeftijden daar anders over?

Wanneer je onze jongeren in het secundair onderwijs voor de vuist weg vraagt om kenmerken te bedenken die ze associëren met een goede leraar, dan komen adjectieven als humoristisch, behulpzaam en vriendelijk vrijwel meteen. Ook het geven van goede uitleg, creatief zijn en op een boeiende manier lesgeven worden spontaan vermeld. De spontane associaties van leerlingen zijn samengebracht in onderstaande woordenwolk.

 

We wilden in onze studie verder gaan dan bovenstaande associaties. Vanuit verschillende theoretische en empirische invalshoeken brachten we mogelijke indicatoren van goed leraarschap samen. Dat bracht ons tot een uitvoerige lijst waarvan onderaan een selectie is opgenomen. De vraag die ons bezighield was hoe belangrijk leerlingen secundair onderwijs die kenmerken precies vinden. En nog: of er kenmerken zijn die ze belangrijk vinden en die ze in eerste instantie niet zelf bedenken. We legden de lijst met indicatoren voor aan 950 leerlingen, telkens met de vraag of ze de opgenomen kenmerken belangrijk vinden om te spreken van een goede leraar. In hun antwoorden tekenen zich een aantal tendensen af die we hier in een vijftal lessen vertalen. We formuleren ze als advies van leerlingen aan hun leraren.

Vijf heldere verwachtingen van leerlingen voor hun leraren

Zet in op een goede verstandhouding. In de eerste plaats vinden leerlingen het belangrijk dat je een goede verstandhouding met hen weet tot stand te brengen. Daarbij is het van belang dat je op een respectvolle manier met hen omgaat en alle leerlingen gelijk behandelt. Bovendien waarderen ze het dat je openstaat voor hun mening, ook al verschilt die van je eigen mening. Het mag banaal lijken en niet evident voor leraren die veel en grote klassen hebben, maar leerlingen vinden het erg belangrijk dat je hen bij naam kent. Ongetwijfeld geeft dit blijk van betrokkenheid en interesse. Uitingen van bezorgdheid en het vrijmaken van tijd voor een persoonlijk praatje weten ze ook te waarderen maar zijn van minder belang dan de andere genoemde kenmerken.

Ja, leerlingen verwachten een vakexpert, maar vergeven het graag als er foutjes gemaakt worden. Leerlingen vinden het niet zo erg als je niet meteen kan antwoorden op hun moeilijke vragen. Het is uiteraard van belang dat je je vak kent, maar een inhoudelijk foutje zien ze al eens door de vingers. Belangrijker is om in te zetten op het goed overbrengen van de leerstof. Leerlingen waarderen het ten zeerste dat je de leerstof op een duidelijke en bevattelijke manier kan uitleggen. Ook met het aangeven van wat belangrijke en minder belangrijke leerstof is, kan je hen een eind op weg helpen, en datzelfde geldt voor het geven van veel voorbeelden ter illustratie. Tot slot: wees spontaan. Leerlingen vinden het fijn dat je je les niet gewoon afleest van je boek of powerpoint.

Wees creatief en wissel ernst af met humor. Leerlingen stellen het op prijs het dat je niet te snel kwaad wordt in lastige situaties. Gefrustreerd aan een les starten of te snel op een drastische manier reageren vinden zij niet bepaald productief. Een motiverende houding en op een originele en creatieve manier de lessen wat aangenamer maken zijn dat net wel. Leerlingen waarderen je enthousiasme ten zeerste en kunnen grappige intermezzo’s wel smaken. Te streng, ook al is het een zeer rekbaar begrip, ben je dan weer beter niet als je het leerlingen vraagt.

Draag zorg voor hoe je evalueert en feedback geeft. Een vaak gehoorde verzuchting is dat leerlingen ingediende taken en toetsen laat gecorrigeerd terugkrijgen. Nochtans vinden ze snelle opvolging van prestaties essentieel voor een optimaal leerproces. Die toetsen zijn trouwens maar beter een goede graadmeter voor examens. Leerlingen appreciëren het niet wanneer de stijl van examens afwijkt van de toetsen die ze doorheen het jaar hebben gekregen. Duidelijkheid over wat en hoe je gaat evalueren wordt erg gewaardeerd maar voorbeeldtoetsen vinden ze dan weer wat minder noodzakelijk. Ten slotte benadrukt een goede leraar volgens leerlingen ook wat ze goed doen in plaats van enkel de aandacht te focussen op wat nog niet gaat.

En tenslotte, maak het hen niet te moeilijk. Met veel taken en toetsen en door te snel doorheen de leerstof te gaan kan je je leerlingen niet bepaald charmeren. Ook het geven van moeilijkere oefeningen wanneer de gemakkelijkere vlot lukken wordt niet echt geapprecieerd. Let wel: dit is de eerlijke inschatting van leerlingen. We concluderen daar niet uit dat tegemoetkomen aan deze verwachting wenselijk is. Aan de andere kant is duidelijkheid wel belangrijk. Zorg dat de instructie van opdrachten en taken duidelijk is en breng sleutelbegrippen regelmatig opnieuw onder de aandacht.

Is de ideale leraar universeel?

Weten wat leerlingen belangrijk vinden aan een goede leraar is ongetwijfeld van essentieel belang om een goede leeromgeving te creëren. De vraag die zich vervolgens ook stelt is of alle leerlingen in alle onderwijsvormen, van alle leeftijden en van ieder geslacht dezelfde kenmerken belangrijk vinden. Met andere woorden: dien je als leraar rekening te houden met andere verwachtingen al naargelang de klasgroep die voor je zit? We focussen in dit verband graag op enkele concrete situaties ter illustratie.

Ik geef les in het ASO en het TSO. Moet ik mijn stijl aanpassen? Niet bepaald. Of je nu lesgeeft in het ASO, BSO, KSO of TSO, Vlaamse leerlingen vinden doorgaans dezelfde kenmerken belangrijk, ongeacht de onderwijsvorm waarin ze les volgen. Er zijn hier en daar wat verschillen op te merken, maar die zijn zo klein dat ze amper het vermelden waard zijn.

Het eerste lesuur geef ik les in het derde jaar, het tweede in het zesde jaar. Wat nu? Ook hier geldt dat je gerust dezelfde stijl mag aanhouden. Net zoals bij de onderwijsvorm stellen we vast dat leeftijd zo goed als geen effect heeft op het oordeel van leerlingen over wat ze belangrijk vinden aan een goede leraar.

Er is heel wat te doen om verschillen tussen jongens en meisjes. Hoe zit dat voor de kenmerken van een goede leraar? Het wordt eentonig, maar ook hier zijn er geen verschillen op te merken. Jongens en meisjes denken in grote lijnen hetzelfde.

De leraar als pedagogisch-didactisch expert telt, niet het geslacht, geloof of uiterlijk

Leerlingen blijken allerminst te discrimineren: of hun leraar mannelijk of vrouwelijk is en of hij al dan niet gelovig is doen er niet toe. Zelf worden ze trouwens ook niet graag gediscrimineerd door hun leraar. Heb je soms de indruk dat je leerlingen je observeren om de kledij die je draagt of je nieuwe kapsel? Weet dan dat ze ook dat niet zo belangrijk zeggen te vinden.

Om het plaatje te vervolledigen geven we hieronder wat cijfermateriaal mee. Het gaat om de gemiddelde scores voor al de 950 bevraagde leerlingen (waarbij 1 staat voor ‘helemaal niet mee eens’, 2 voor ‘niet mee eens’, 3 voor ‘neutraal’, 4 voor ‘mee eens’ en 5 ten slotte ‘sterk mee eens’). We lichten enkele van de 71 bevraagde kenmerken er voor u uit.

No Comments

Leave a Comment

Please be polite. We appreciate that.
Your email address will not be published and required fields are marked