Jan Vanhoof Posts

Professioneel Lerende Netwerken uitbouwen: waarom, wat en hoe?

(Tekst – Kristin Vanlommel, Ruud Lelieur, Jan Vanhoof en Wouter Schelfhout)

Veranderingen in het onderwijs hangen af van veel aspecten die met elkaar in wisselwerking staan: schoolbeleid, motivatie, structuur, cultuur, beoordeling en schoolleiders zijn de sleutel tot het succes van deze processen. Door de complexiteit van onderwijsprocessen kan verandering niet worden afgeschoven naar individuele veranderingen op het niveau van de leerkracht. De schoolorganisatie met stakeholders en partners ontwikkelt zich best in de richting van een lerende organisatie die de voorwaarden voorziet waarin leerkrachten kennis kunnen delen en opbouwen met collega’s en kunnen reflecteren over hun praktijken. Het is aangetoond dat Professioneel Lerende Netwerken (PLN) de voorwaarden bieden voor collectief leren dat onderwijsverandering ondersteunt (Poortman & Brown, 2018). Het LELENET-project heeft PLN geïdentificeerd als een middel om het leren en de ontwikkeling van onderwijspersoneel te ondersteunen, waardoor leerkrachten de uitdagingen van een diverse leerlingenpopulatie kunnen aanpakken. Hieronder brengen we ideeën vanuit dit Erasmusplus+ samen over het waarom, het wat en het hoe van zulke netwerken. We belichten in het bijzonder de rol van de schoolleider in het initiëren en onderhouden van zulke netwerken.

Lesson Study, de zoveelste onderwijshype of werkt het echt?

Lesson Study, de zoveelste onderwijshype of werkt het echt?

(Tekst – Iris Willems en Piet Van den Bossche)

Om de laatste onderwijstrends op te volgen, schuim ik vaak en graag het internet af. LinkedIn is mijn favoriete zoekplatform.  Drie jaar terug ontmoette ik er een oude bekende. Haar expertise was van dyscalculie naar Lesson Study opgeschoven, een voor mij compleet onbekend terrein. Geboeid door haar enthousiasme over Lesson Study verdiepte ik me in de literatuur, waardoor ook mijn fascinatie met de dag groeide. Mijn promotor, Piet Van den Bossche, gaf me de ruimte om met deze fascinatie aan de slag te gaan en er een masterthesis van te maken.

Wat is Lesson Study?

Lesson Study is van oorsprong een Japanse  professionaliseringsmethode die stilaan zijn opgang maakt in Europa. Een team van leraren werkt samen en doorloopt de kwaliteitscirkel : study-plan-conduct-reflect (Figuur 1). Lesson Study begint bij studie van het lesmateriaal. Tijdens deze eerste stap wordt een onderzoeksteam van drie tot acht leraren samengesteld. De focus ligt hier op het samen ontwikkelen van een les rond een thema. Hiervoor nemen de leraren uitgebreid de tijd om cursussen, relevante wetenschappelijke artikels, beschikbare curricula en andere bronnen te raadplegen, te lezen en te bestuderen. Ze formuleren lesdoelen en onderzoeksvragen. Bij de volgende stap ontwikkelen of reviseren de leraren hun onderzoeksles. Samen plannen, ontwikkelen of kiezen de leraren een onderwijsmethode die het leren van de leerling zichtbaar maakt. Het gaat niet om het creëren van de “perfecte” les, maar wel om het uittesten van de onderwijsmethode. Daarom wordt de onderzoeksles, onder begeleiding van een vakdeskundige, door één leraar van het onderzoeksteam gegeven, terwijl de andere teamleden de leerlingen live observeren. Tijdens deze derde stap verzamelen de observatoren data over hoe de leerlingen denken, redeneren, antwoorden en vragen oplossen. Als laatste stap in het proces discussiëren en reflecteren de observatoren over hoe leerlingen ingegaan zijn op het onderwijs- en leerproces, en over hoe de leerstof moet geïmplementeerd worden.

Kenmerkend voor Lesson Study zijn de samenwerkende lerarenteams, de centraal geplaatste onderwijspraktijk, het lesontwerp dat men zelf uitprobeert, het leerproces van de eigen leerlingen binnen het eigen vak als studieobject, en het cyclisch verloop over een langere tijd.

Waartoe leidt Lesson Study?

Lesson Study kent buiten Japan veel varianten. Het wordt immers vaak in scholen als onderwijsvernieuwing binnengebracht en bijgevolg aangepast aan de schoolcontext. In de focus staan hierbij het professioneel leren van de leraren én het verbeteren van hun instructies. Deze professionalisering beoogt een toename van kennis en vaardigheden en een verandering van attitude en overtuiging, hetgeen dan op zijn beurt  leidt tot verhoogde leerlingenresultaten (Figuur 2).

Welke impact heeft Lesson Study op leraars?

Om na te gaan of Lesson Study een efficiënte professionaliseringsmethodiek voor leraren is, werd een literatuurstudie uitgevoerd. Enkel studies waarbij twee groepen, één Lesson Study-goep en één geen Lesson Study-goep als controlegroep, een effectmeting ondergaan, werden geselecteerd. Voornamelijk kleinschalige studies die de effecten van een Lesson Study-interventie beschreven werden gevonden, en amper vijf grootschalige en goed-gecontroleerde studies die de effecten ook echt konden aantonen werden weerhouden.

Deze vijf studies rapporteren verbeteringen of veranderingen bij leraren op vlak van kennis, vaardigheden, overtuigingen en gedrag door Lesson Study.

Lesson Study-groepen scoren voor vakkennis over wiskundige breuken beter en voor hun leiderschaps- en onderzoeksvaardigheden hoger dan de controlegroepen. Door Lesson Study wijzigden de leraren hun houding om te reflecteren en te anticiperen op leerlingenantwoorden, en pasten ze hun onderwijsgedrag aan de context aan. Daarnaast stelden de Lesson Study-leraren efficiënter klasmanagement en formuleerden ze duidelijkere instructies. Lesson Study-teams ervoeren een toename van hun zelfeffectiviteit in instructiestrategieën en stelden op een positieve manier hun verwachtingen voor leerlingenprestaties bij.

Werkt Lesson Study?

We mogen voorzichtig concluderen dat Lesson Study werkt. Een wiskundeleraar formuleert het als volgt: Het gaat mij helemaal niet om de lessen. Ik ben niet begonnen aan Lesson Study om lesideeën te krijgen. Het doel is helemaal niet de les. Het doel is wel heel erg te kijken naar wat er gebeurt met die leerling.  (uit: Lesson Study: effectief en bruikbaar in het Nederlandse onderwijs?, de Vries et al., 2017, p.66)

Tegelijk is er nog onvoldoende grootschalig onderzoek naar de effecten van deze professionaliseringsmethodiek uitgevoerd. In Vlaanderen worden kleine leergemeenschappen gevormd die aan de slag gaan met deze methodiek. Wie graag hieraan deelneemt, mag me contacteren op iris_willems@telenet.be. Voor de volledige publicatie verwijs ik graag naar “Lesson Study effectiveness on teachers’ professional learning: a best evidence synthesis”, Willems, I. and Van den Bossche, P.,  2019.

https://www.emerald.com/insight/content/doi/10.1108/IJLLS-04-2019-0031/full/html.

Goede leerlingevaluatie vergt drie perspectieven. En (zeer) soms kan vergelijken met het klasgemiddelde er daar ééntje van zijn.

Goede leerlingevaluatie vergt drie perspectieven. En (zeer) soms kan vergelijken met het klasgemiddelde er daar ééntje van zijn.

(Tekst – Jan Vanhoof)

  • Mag je als leraar of ouder tevreden zijn wanneer een leerling de standaard behaalt, geen vooruitgang boekt maar beter scoort dan andere leerlingen?
  • Mag je als leraar of ouder tevreden zijn wanneer een leerling de standaard niet behaalt, vooruitgang boekt en toch beter scoort dan andere leerlingen?
  • Mag je als leraar of ouder tevreden zijn wanneer een leerling de standaard behaalt, vooruitgang boekt maar ondertussen minder goed scoort dan andere gelijkaardige leerlingen?

Deze vragen brengen ons naar de kern van evaluatie. Ze stellen scherp op de basis waarop we oordelen en op hoe er over leerlingprestaties gecommuniceerd zal worden.

Drie verschillende strategieën kunnen in het beoordelen van leerlingprestaties onderscheiden worden: relatieve scoring, criteriumgerichte scoring en leerlinggerichte scoring. Deze zijn elk op zich waardevol en nodig. Geen enkele benadering kan echter op zich staan. Een volwaardige (communicatie over) beoordeling van leerlingprestaties probeert de drie perspectieven binnen te brengen. Met accenten die afgestemd zijn op het leertraject van de leerling die geëvalueerd wordt.

8 gedragingen van schoolleiders die een veranderproces naar succes leiden

(Tekst – Kelly Thyssen, Lana Dekoning & Jan Vanhoof)

Onderwijs is voortdurend in verandering. Een waarheid als een koe. Veranderprocessen zijn dan ook noodzakelijk voor scholen om hun kwaliteit te kunnen blijven garanderen. De verantwoordelijkheid voor het ontwikkelen, evalueren en bijsturen van kwaliteitsvol onderwijs ligt in de schoot van de scholen zelf. Dat is niet niets! Er rust dus een heel erg grote verantwoordelijkheid op de schouders van de schoolleiders.

Tijdens een veranderproces zijn er heel wat actoren die het proces kunnen dwarsbomen, van leerkrachten die liever niets veranderen tot collega’s die elke week iets nieuws uitproberen en nooit tot implementatie komen. Als schoolleider moet je het hele spectrum aankunnen en in goede banen leiden. Uit onderzoek blijkt dat het gedrag van schoolleiders cruciaal is in het al dan niet slagen van een veranderproces. Maar wat is dit gedrag dan precies? Hoe kan je je best gedragen tijdens een veranderproces? Met welke actoren dien je rekening te houden?

Goed leraarschap door de ogen van leerlingen

Goed leraarschap door de ogen van leerlingen

(Tekst – Geert Smets & Jan Vanhoof, Universiteit Antwerpen)

Vanuit pedagogisch oogpunt en binnen het kader van schooleffectiviteitsonderzoek werd reeds uitgebreid onderzoek verricht naar kenmerken waaraan een leraar best voldoet om het beste uit zijn leerlingen te halen. Maar wat vinden die leerlingen zelf? Hoe zien zij hun ideale leraar? Zijn er verschillen tussen jongens en meisjes? En denken leerlingen uit verschillende onderwijsvormen en verschillende leeftijden daar anders over?

Edubron ontmoet Stedelijk Onderwijs Antwerpen

(Tekst – Amy Quintelier)

Recent gingen onderzoekers van ons speerpunt Beleid en Kwaliteitszorg in dialoog met beleidsmedewerkers van Stedelijk Onderwijs Antwerpen. De ontmoeting kwam er omdat onze onderzoekers zich afvroegen welke kanalen er beschikbaar zijn om de resultaten van de afgeronde en lopende studies zichtbaar te maken in het onderwijswerkveld. Daarnaast vroegen we ons ook af welke lessen wijzelf kunnen trekken uit de verschillende initiatieven die in de onderwijswereld de ronde doen. En vooral… hoe kunnen wij een meerwaarde betekenen voor elkaar?

Eén op vijf leerkrachten doet het niet goed (maar collega’s zeggen niets)

Eén op vijf leerkrachten doet het niet goed (maar collega’s zeggen niets)

(Uit de media – Tekst Klaas Maenhout – Journalist De standaard naar aanleiding van proefschrift Loth Van den Ouweland)

Vlaamse leerkrachten zijn streng voor elkaar. Dat leidt tot frustratie, maar er wordt niet openlijk over gepraat.

‘Tijdens een vergadering ­begon een leerkracht plots te wenen. Ze zei dat ze de leerlingen van een bepaalde klas niet meer aankon. Later bleek dat ze ook in “gemakkelijke klassen” problemen had met klasmanagement’, zegt godsdienstleerkracht Dave (39) in het doctoraat van Loth Van Den Ouweland (UAntwerpen). ‘Het probleem sleepte eigenlijk al drie jaar aan. De leerlingen waren er het slachtoffer van.’

Vrijheid zonder vrijblijvendheid

Vrijheid zonder vrijblijvendheid

(Tekst – Jan Vanhoof)

Vlaanderen draagt vrijheid van onderwijs hoog in het vaandel. Daarnaast doet bij het nemen van beslissingen over de schoolloopbaan van leerlingen sterk beroep op de professionaliteit van leraren en schoolleiders. Dat zijn onmiskenbaar twee sterktes van het Vlaamse onderwijs. ‘Op voorwaarde dat’ ten minste. Van een onderwijssysteem dat grote autonomie toekent verwacht je immers ook dat het leraren en schoolleiders uitrust met de instrumenten om deze vrijheid doelgericht in te vullen. Je verwacht dat diezelfde leraren en schoolleiders zich aangesproken voelen op de mate waarin ze succesvol gebruik maken van de handelingsvrijheid waarover ze beschikken. Dat brengt ons recht in de kern van één van de wezenlijke verbeterpunten voor het Vlaamse onderwijs. Kwaliteitszorg, met name.

Leerbereidheid van leerlingen aanwakkeren: 10 Praktijkprincipes die motiveren, inspireren én werken

Leerbereidheid van leerlingen aanwakkeren: 10 Praktijkprincipes die motiveren, inspireren én werken

(Tekst – Jan Vanhoof,  Maarten Van de Broek, Maarten Penninckx, Vincent Donche & Peter Van Petegem)

Leermotivatie: Zowel een groot streven als een grote uitdaging

Leren is een aangename en boeiende activiteit. Soms vergt het hard werk. Hoe dan ook, bereidheid om te leren is niet vanzelfsprekend. Schools leren wordt vaak geassocieerd met tegenzin, saaiheid en zelfs frustraties. Veel leerkrachten ervaren de motivatie van hun leerlingen tegelijkertijd als hun grootste streven en als één van de grootste uitdagingen in hun job. De kern van het leraarschap is dan ook de leerbereidheid bij je leerlingen aanwakkeren die hen drijft tot het ontwikkelen van gewenste kennis, vaardigheden en attitudes.

Motivatie is geen karaktereigenschap die sommige leerlingen wel hebben, en anderen niet. Uitspraken over gemotiveerd zijn richten zich dus best op concrete acties van leerlingen (zoals ‘Thijs is niet gemotiveerd om die taak op te lossen’), eerder dan op leerlinggedrag in het algemeen (zoals ‘Thijs is niet gemotiveerd’). In het geval van leerbereidheid gaat het om de vraag welke drijfveren leerlingen ertoe aanzetten om te – of bewegen tot – leren. Als we die drijfveren doorgronden en weten hoe ze ondersteund kunnen worden, kunnen we daar lessen uit trekken voor onze klaspraktijk. Dat is het doel van de volgende praktijkprincipes.

Beleidsvoerend vermogen – Van doeltreffend schoolbeleid tot doeltreffend… (vul aan)

Beleidsvoerend vermogen – Van doeltreffend schoolbeleid tot doeltreffend… (vul aan)

(Tekst – Jan Vanhoof)

Soms overdrijf je een tikkel om een punt te maken. Die boodschap was dat het gedachtegoed van beleidsvoerend vermogen breed toepasbaar is. Van achter het spreekgestoelte in een auditorium daagde ik een 200-tal leraren en schoolleiders uit om hun privérelatie met hun partner eens onder de loep te nemen. Dit keer op basis van de gekende acht dragers van beleidsvoerend vermogen. Gekscherend, en ook weer niet.